ECLI:NL:GHAMS:2007:BB7500
Gerechtshof Amsterdam
- Versnelde behandeling
- N. van Lingen
- E.E. van Tuyll van Serooskerken-Röell
- H.G. Hermans
- Rechtspraak.nl
Hand/arm-orthese Handmaster niet verzekerd onder Zorgverzekeringswet wegens ontbreken wetenschappelijke effectiviteit
Ness Nederland B.V. is producent van de Handmaster, een hand/arm-orthese met elektrostimulatie bedoeld voor patiënten met functieverlies na een beroerte (CVA). Onder de voormalige Ziekenfondswet werd dit hulpmiddel vergoed, maar na invoering van de Zorgverzekeringswet (Zvw) is de vergoeding ter discussie gesteld. Het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) bracht een rapport uit waarin werd geconcludeerd dat de Handmaster niet tot de te verzekeren prestaties behoort.
Ness vorderde in kort geding de intrekking van dit rapport en een verbod op nadelige rapporten, stellende dat CVZ onzorgvuldig en onrechtmatig had gehandeld door het criterium van de stand van wetenschap en praktijk onjuist toe te passen. Het hof oordeelde dat het criterium van artikel 2.1 lid 2 van het Besluit zorgverzekering (BZv) terecht werd gehanteerd en dat dit kan leiden tot een breuk met de eerdere verzekeringspraktijk zonder dat een belangenafweging daaraan afbreuk doet.
Het hof stelde vast dat de wetenschappelijke literatuur onvoldoende bewijs levert voor de effectiviteit van langdurig gebruik van elektrostimulatie zoals toegepast in de Handmaster. Ook de hoge therapietrouw bij patiënten is onvoldoende om effectiviteit aan te nemen, omdat dit ook andere oorzaken kan hebben. De grieven van Ness en de tussenkomende partijen werden verworpen, het vonnis van de voorzieningenrechter werd bekrachtigd en Ness, VRA en Samen Verder werden veroordeeld in de kosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de Handmaster niet tot de verzekerde prestaties onder de Zorgverzekeringswet behoort en wijst de vorderingen van Ness af.