ECLI:NL:GHAMS:2007:BB8542
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- D.B. Bijl
- H.J. Bronkhorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over niet-vermindering transactieprijs met nagevorderde douanerechten bij leveringsconditie DDP
In deze bestuursrechtelijke zaak stond centraal of de transactieprijs van ingevoerde goederen verminderd kon worden met nagevorderde douanerechten bij leveringen onder de leveringsconditie Delivered Duty Paid (DDP). Belanghebbende, een BV, had bezwaar gemaakt tegen uitnodigingen tot betaling van douanerechten die zij volgens eigen berekening verlaagd wilde zien.
De rechtbank Haarlem had geoordeeld dat de douanerechten geen onderdeel uitmaakten van de factuurprijs en dat toepassing van artikel 33 van Pro het Communautair Douanewetboek (CDW) op dit punt niet aan de orde was. Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de transactieprijs wel diende te worden verminderd met de nagevorderde rechten omdat deze kosten volgens DDP voor rekening van de koper kwamen en dus in de prijs waren begrepen.
Het Gerechtshof Amsterdam, in de Douanekamer, overwoog echter dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de douanerechten in de transactieprijs waren opgenomen. De enkele omstandigheid van de DDP-conditie was niet voldoende bewijs. Gezien de factuurverklaringen en het verzoek om preferentiële tariefmaatregelen was aannemelijk dat partijen uitgingen van een tarief van 0% en dat douanerechten niet in de prijs waren verwerkt.
Daarmee bevestigde het hof het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien om de douanewaarde te verlagen met de nagevorderde douanerechten. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 15 oktober 2007 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de rechtbankuitspraak bevestigd dat de transactieprijs niet verminderd wordt met nagevorderde douanerechten bij DDP-leveringen.