ECLI:NL:GHAMS:2008:BD5400
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A. Bijlsma
- J.J.A.M. Kennis
- E.M. Vrouwenvelder
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar naheffingsaanslag omzetbelasting 2002
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting over 2002, dat door de inspecteur niet-ontvankelijk werd verklaard wegens onvoldoende motivering. De rechtbank verklaarde dit bezwaar echter wel ontvankelijk en vernietigde de uitspraak van de inspecteur, waarbij zij de inspecteur opdroeg binnen twaalf weken opnieuw op het bezwaar te beslissen.
De inspecteur stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Het Hof heeft het geschil beoordeeld en geoordeeld dat het bezwaarschrift voldoende gemotiveerd was, mede gelet op de omstandigheden dat belanghebbende uitstel vroeg voor nadere motivering vanwege het ontbreken van stukken door het faillissement van het administratiekantoor. Het Hof bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaren onterecht was.
Het Hof wijst de zaak terug naar de inspecteur om opnieuw op het bezwaar te beslissen, met een termijn van twaalf weken voor deze beslissing vanwege de verstreken tijd sinds de naheffingsaanslag en boetebeschikking. Tevens veroordeelt het Hof de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van €644.
De inhoudelijke beoordeling van de naheffingsaanslag blijft daarmee open en wordt niet door het Hof zelf gedaan. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat het bezwaar ontvankelijk is en wijst de zaak terug naar de inspecteur voor hernieuwde beslissing binnen twaalf weken.