ECLI:NL:GHAMS:2008:BD9027
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- T.M. Schalken
- J.P. Splint
- F.A. Hartsuiker
- Rechtspraak.nl
Vrijheid van meningsuiting weegt zwaarder dan eerbeschadiging in politiek debat
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde een beklagzaak waarin een accountant klaagde over onjuiste en diskwalificerende uitlatingen van een gemeenteraadslid in een brief aan een bestuur, die ook op internet was geplaatst. De accountant stelde dat zijn eer en goede naam waren aangetast door beschuldigingen die niet waar zouden zijn, waaronder onterechte beweringen over schorsing en berispingen.
Het hof stelde vast dat het gemeenteraadslid zich op zijn vrijheid van meningsuiting beriep, vooral in het kader van een politiek debat. Hoewel het hof erkende dat de uitlatingen de integriteit van de accountant konden schaden en dat er sprake was van enige onzorgvuldigheid in de weergave van internetberichten, was deze onzorgvuldigheid niet ernstig genoeg om de vrijheid van politieke uitingsvrijheid te beperken.
Het hof overwoog dat het gemeenteraadslid geen beroep kon doen op immuniteit omdat de brief openbaar via internet was verspreid. Het hof benadrukte dat in een democratische samenleving het recht op vrije meningsuiting, zeker van politici, doorgaans zwaarder weegt dan het recht op eer en goede naam, tenzij sprake is van grove onzorgvuldigheid.
De rechtbank concludeerde dat de strafvervolging geen uitzicht bood op succes omdat het ontbreken van opzet en het gebruik van openbare bronnen een rechtvaardigingsgrond vormden. Het beklag van de accountant werd daarom afgewezen, waarbij het hof de vraag naar de waarheid van de beschuldigingen openliet.
Uitkomst: Het beklag van de accountant wordt afgewezen; de vrijheid van meningsuiting van het gemeenteraadslid weegt zwaarder dan het recht op eer en goede naam.