ECLI:NL:GHAMS:2008:BF7976
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.M. Vrouwenvelder
- D.B. Bijl
- S.T.M. Beelen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepassing bijzonder tarief op eenmalige pensioenuitkering na fusie
Belanghebbende was accountant bij BV-A en na een fusie met BV-B bleef hij deelnemer aan het pensioenfonds. Het pensioenfonds keerde een deel van het overrendement uit als eenmalige uitkering van ƒ 69.500 (€ 31.533). Belanghebbende verzocht om toepassing van het bijzondere tarief van 45% op deze uitkering, maar de inspecteur weigerde dit.
Na eerdere procedures en een arrest van de Hoge Raad werd de zaak verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam. Het Hof onderzocht of de inspecteur in strijd met het gelijkheidsbeginsel had gehandeld door het bijzondere tarief niet toe te passen. Het Hof stelde vast dat binnen het bevoegdheidsgebied van de inspecteur in 36 vergelijkbare gevallen het bijzondere tarief voordeliger was, maar slechts in 5 gevallen werd dit toegepast.
Het Hof oordeelde dat de inspecteur niet in een meerderheid van de gevallen een juiste wetstoepassing had achterwege gelaten en dus niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel had gehandeld. Ook het standpunt dat alleen gevallen waarin om het bijzondere tarief was verzocht relevant zijn, werd verworpen. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en het bijzondere tarief wordt niet toegepast op de eenmalige pensioenuitkering.