ECLI:NL:GHAMS:2009:BI2102
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.A. Goslings
- P.G. Wiewel
- D.J. van der Kwaak
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens langdurige onderverhuur van zolderkamer
In deze zaak stond de vraag centraal of de huurovereenkomst ontbonden kon worden wegens onderverhuur van de zolderkamer door de huurders [B] en [C]. Het hof bevestigde dat er gedurende minstens vijf jaar meermalen voor langere duur onderverhuur had plaatsgevonden, wat een tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst oplevert.
Bewijs werd geleverd door getuigenverklaringen en documenten, waaronder verklaringen van voormalige huurders en inschrijvingen in de gemeentelijke basisadministratie. De huurders stelden dat de onderverhuur gedoogd werd en dat zij na een eerste waarschuwing gestopt waren met onderverhuren. Ook werd gewezen op hun hoge leeftijd en de mogelijkheid om een andere woning te verkrijgen.
Het hof oordeelde echter dat de ernst en duur van de onderverhuur de ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigen. De bijzondere omstandigheden waren onvoldoende om de ontbinding te voorkomen. Het hof vernietigde het vonnis van eerste aanleg, ontbond de huurovereenkomst, legde een redelijke ontruimingstermijn vast en veroordeelde de huurders tot ontruiming met een dwangsom bij niet-naleving.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden wegens langdurige onderverhuur en de huurders worden veroordeeld tot ontruiming met dwangsom.