ECLI:NL:GHAMS:2009:BI3528
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- O.B. Onnes
- J.P.A. Boersma
- P.F. Goes
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar navorderingsaanslag vermogensbelasting wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende sloot een vaststellingsovereenkomst met de inspecteur over een navorderingsaanslag vermogensbelasting 1998, waarbij bezwaar en beroep tegen deze aanslag werden uitgesloten. Het bezwaar werd echter pas na de wettelijke termijn ingediend. Belanghebbende voerde psychische problemen aan als reden voor de late indiening.
Het Hof oordeelde dat ondanks de psychische problematiek belanghebbende vanaf april 2001 in staat was om zijn belangen te behartigen, waaronder het tijdig indienen van een bezwaar. De termijn voor bezwaar liep tot 5 juli 2002, terwijl het bezwaar pas op 24 juni 2003 werd ingediend, ruim na het verstrijken van de termijn.
De inspecteur had het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep tegen deze beslissing werd door het Hof ongegrond verklaard. Het Hof bevestigde dat belanghebbende gebonden is aan de vaststellingsovereenkomst en dat er geen gronden waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Het verzoek tot heropening van het onderzoek werd afgewezen en de procedure werd voortgezet zonder toewijzing van het beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bezwaar tegen de navorderingsaanslag is niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.