ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ6124
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onrechtmatige doorzoeking en bewijsuitsluiting bij hennepvondst
Naar aanleiding van een melding over een penetrante hashlucht onderzochten opsporingsambtenaren de woning van verdachte. Zij betraden de woning met toestemming van de vader van verdachte, maar doorzochten zonder geldige machtiging een slotvaste slaapkamerkast en op elkaar gelijmde boeken. Verdachte werd onder druk gezet om de sleutel te geven, waarna de kast werd geopend en henneptoppen werden aangetroffen.
Het hof oordeelde dat de handelingen van de verbalisanten als doorzoeking moeten worden aangemerkt, waarvoor een machtiging vereist is. De toestemming van verdachte ontbrak aan het element van vrijwilligheid, omdat hij werd geconfronteerd met het voornemen tot openbreken. Bovendien werd geen toestemming gevraagd voor het openen van de boeken en lades. Dit vormde een onherstelbaar vormverzuim en een ernstige schending van strafvorderlijke voorschriften.
De bevindingen van de verbalisanten zijn daardoor uitgesloten als bewijs. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij, omdat het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend was bewezen. Het hof benadrukte dat de bevoegdheid tot doorzoeking zonder machtiging en zonder vrijwillige toestemming niet is gegeven, ook niet bij verdenking van overtreding van de Opiumwet.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onrechtmatige doorzoeking en bewijsuitsluiting.