ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ8513
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A. Bockwinkel
- P.C. Römer
- J.C. Toorman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing toelating wettelijke schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw zijn
Appellante, een alleenstaande vrouw met een maandinkomen van ongeveer €1.700 en een schuldenlast van ruim €53.000, verzocht om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. Zij had haar (ex-)partner langdurig financieel ondersteund, ondanks dat dit haar schuldenlast onverantwoord vergrootte. Ook ontstonden schulden door een hennepplantage in haar woning, waarvoor zij een boete kreeg en een schuld aan Nuon.
De rechtbank wees haar verzoek af omdat zij niet aannemelijk had gemaakt dat zij te goeder trouw was bij het ontstaan van haar schulden, mede vanwege de financiële steun aan haar partner en de schulden uit de hennepplantage. Appellante stelde dat zij uit affectie handelde en inmiddels de situatie onder controle had door de relatie te verbreken en budgetbeheer aan te vragen.
Het hof oordeelde dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij te goeder trouw was bij het ontstaan van haar schulden. De extra schulden door steun aan haar partner en de schulden uit de hennepplantage konden niet als te goeder trouw worden beschouwd. Ook was niet gebleken dat zij haar situatie voldoende had gestabiliseerd om aan de verplichtingen van de regeling te voldoen.
Het hof bekrachtigde daarom het vonnis van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Appellante kan in de toekomst opnieuw verzoeken indien zij kan aantonen dat zij haar situatie langdurig onder controle heeft gekregen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt bekrachtigd.