ECLI:NL:GHAMS:2009:BP3792
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geschil over bankgarantie en conservatoire beslagen in bouwverbodzaak Chipshol tegen Luchthaven Schiphol
In deze civiele procedure staat de vraag centraal of de conservatoire beslagen die de Luchthaven Schiphol ten laste van Chipshol en Groenenberg heeft gelegd, opgeheven moeten worden. Chipshol vordert opheffing van deze beslagen en betwist de toereikendheid van de door haar gestelde bankgarantie. De Luchthaven stelt dat de garantie onvoldoende is en dat de beslagen noodzakelijk zijn ter zekerheid van haar vordering.
De feiten betreffen een bouwverbod op het Groenenbergterrein dat in 2003 van kracht werd en later werd opgeheven. Chipshol vordert schadeloosstelling op grond van het vervallen artikel 50 Luchtvaartwet Pro, waarvoor een bankgarantie is gesteld. De Luchthaven heeft conservatoire beslagen gelegd om haar vordering veilig te stellen. Het hof bevestigt dat Chipshol en Airside vennootschappen niet ontvankelijk zijn in hun vordering tot opheffing van het beslag op het Groenenbergterrein omdat Groenenberg niet in het geding is betrokken.
Het hof stelt dat de Luchthaven geen belang heeft bij de beslagen indien Chipshol een toereikende bankgarantie stelt. De bankgarantie van 15 februari 2008 voldoet echter niet aan de voorwaarden die in eerdere vonnissen zijn gesteld, met name omdat zij ook zekerheid moet bieden voor mogelijke vorderingen uit de artikel 55 Luchtvaartwet Pro procedure zolang deze niet onherroepelijk zijn beslist. Het hof verwijst de zaak naar de rol voor nadere stukken over een aangepaste bankgarantie en houdt verdere beslissingen aan.
Uitkomst: Het hof verklaart Chipshol cs niet ontvankelijk in hun vordering tot opheffing van het beslag op het Groenenbergterrein en houdt verdere beslissing aan.