ECLI:NL:GHAMS:2010:BM1893
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- H.E. Kostense
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake gebruikelijk loon en woongenot directeur-grootaandeelhouder
Belanghebbende, directeur-grootaandeelhouder van een BV, stelde in hoger beroep dat het gebruikelijke loon lager moest worden vastgesteld vanwege de slechte financiële positie van de BV en zijn arbeidsongeschiktheid. Tevens betwistte hij dat het woongenot van een bedrijfspand als loon moest worden aangemerkt.
De rechtbank had reeds geoordeeld dat belanghebbende het pand meer dan incidenteel privé gebruikte en dat het voordeel uit het woongenot als loon moest worden beschouwd. Ook was niet aannemelijk gemaakt dat het gebruikelijke loon lager dan de wettelijke norm kon worden vastgesteld, ondanks de financiële situatie van de BV.
Het Hof bevestigt deze oordelen en overweegt dat het voordeel uit het woongenot volledig is meegenomen in de looncorrectie. De stelling dat de WAO-uitkering in mindering moet worden gebracht op het loon wordt verworpen. De navorderingsaanslag voor 2000 wordt gecorrigeerd wegens een rekenfout.
De beroepen van belanghebbende tegen de navorderingsaanslagen en boetes voor 1999, 2000 en 2001 worden gegrond verklaard voor zover zij leiden tot vermindering van de aanslagen. Het hoger beroep van de inspecteur wordt afgewezen, behalve voor de navorderingsaanslag 2000 die wordt aangepast.
De inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het hof bevestigt het gebruikelijk loon en de loonwaardering van het woongenot, corrigeert de navorderingsaanslag 2000 en veroordeelt de inspecteur in de proceskosten.