ECLI:NL:GHAMS:2011:BP7563
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Polak
- G.B.C.M. van der Reep
- J.W. Hoekzema
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over verboden medebewoning en onderhuur in sociale huurwoning
De appellant huurt sinds maart 2008 een sociale huurwoning van de stichting De Key. In de huurovereenkomst is bepaald dat de woning als hoofdverblijf moet worden gebruikt en dat medebewoning of onderhuur zonder schriftelijke toestemming verboden is.
De Key ontving een melding van vermoedelijke onderhuur en voerde meerdere huisbezoeken uit waarbij verschillende personen werden aangetroffen die niet de huurder waren. De appellant erkende dat zijn broer bij hem woonde, maar stelde dat hiervoor mondeling toestemming was gegeven of dat stilzwijgende toestemming bestond. Dit werd door De Key betwist en niet bewezen.
Het hof oordeelde dat de appellant onvoldoende had aangetoond dat hij de woning daadwerkelijk als hoofdverblijf gebruikte en dat hij onvoldoende gemotiveerd had betwist dat anderen de woning gebruikten. De inschrijving van derden op het adres versterkte het vermoeden van medebewoning. Het bewijsaanbod van de appellant werd niet geaccepteerd. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde de appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst het hoger beroep van de huurder af wegens verboden medebewoning zonder schriftelijke toestemming.