ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ5313
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging machtiging uithuisplaatsing minderjarige in pleeggezin
Het gerechtshof Amsterdam heeft bij beschikking van 22 maart 2011 het hoger beroep van de vader tegen de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van zijn dochter verworpen en de beschikking van de kinderrechter bekrachtigd.
De vader verzocht om plaatsing van zijn dochter in het netwerkpleeggezin waar ook haar broer verblijft, om zo de broers en zussen bij elkaar te houden. De stichting en het hof oordeelden echter dat het op dit moment niet verantwoord is de kinderen samen te plaatsen vanwege de verschillende ontwikkelingsniveaus en zorgbehoeften.
Het hof overwoog dat de jongste dochter zich leeftijdsadequaat ontwikkelt en geen individuele behandeling nodig heeft, terwijl de oudere zoon een vertraagde ontwikkeling en bijkomende problematiek heeft die intensieve zorg vereist. Het pleeggezin zou door de gecombineerde zorg overbelast kunnen raken. Het contact tussen de kinderen wordt wel uitgebreid.
De kinderrechter had de machtiging tot uithuisplaatsing reeds verlengd voor de duur van een jaar. Het hof bevestigde dat de vader ontvankelijk is in zijn verzoek, maar vond de belangen van de kinderen het belangrijkst en bekrachtigde de bestreden beschikking.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige in een regulier pleeggezin en wijst het verzoek tot netwerkplaatsing af.