ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ5740
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep loonbetaling tijdens ziekte na betwist ontslag op staande voet
De werknemer trad in 1995 in dienst bij Euro-Stoel en viel in januari 1997 uit wegens een hartinfarct. Na diverse periodes van arbeidsongeschiktheid ontstond op 3 juni 2009 onenigheid over werkzaamheden, waarna werknemer zich ziek meldde. Euro-Stoel stopte per 1 augustus 2009 de loonbetaling en stelde dat werknemer op staande voet was ontslagen wegens werkweigering.
Werknemer vorderde loonbetaling tijdens ziekte van augustus 2009 tot maart 2010 met wettelijke verhoging en kosten. De kantonrechter wees de vordering toe, waarbij de wettelijke verhoging werd gematigd tot 20%. Euro-Stoel ging in hoger beroep en voerde onder meer aan dat werknemer niet-ontvankelijk was wegens ontbreken van een deskundigenoordeel en dat het ontslag rechtsgeldig was.
Het hof oordeelde dat het redelijk was dat werknemer geen deskundigenoordeel kon overleggen gezien de korte tijd tussen betwisting arbeidsongeschiktheid en kort geding. Het bewijs van het ontslag op staande voet achtte het hof onvoldoende zwaarwegend. Uit medische stukken bleek werknemer vanaf 3 juni 2009 arbeidsongeschikt. De wettelijke verhoging werd vanwege ernstige financiële problemen van Euro-Stoel gematigd tot nihil. Het hoger beroep van Euro-Stoel werd afgewezen, het vonnis van de kantonrechter grotendeels bekrachtigd en Euro-Stoel werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Hof wijst hoger beroep af, matigt wettelijke verhoging tot nihil en bevestigt loonbetaling tijdens ziekte.