ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ6268
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- P.L.R. Wefers Bettink
- M.F.J.N. van Osch
- W. Duitemeijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis tot wedertewerkstelling en loondoorbetaling psychisch arbeidsgehandicapte werknemer
De zaak betreft een geschil tussen de Rabobank en een werknemer met een psychische stoornis (autisme) over wedertewerkstelling en loondoorbetaling. De werknemer was sinds 19 mei 2009 volgens het UWV arbeidsgeschikt, maar de Rabobank weigerde hem tewerk te stellen en het loon door te betalen. De kantonrechter veroordeelde de Rabobank tot wedertewerkstelling en loondoorbetaling over de periode 19 mei 2009 tot 16 maart 2010.
De Rabobank ging in hoger beroep tegen deze veroordelingen en voerde meerdere grieven aan, waaronder dat de werknemer niet volledig arbeidsgeschikt zou zijn en dat een jobcoach noodzakelijk was. Het hof oordeelde dat de werknemer arbeidsgeschikt was vanaf 19 mei 2009 en dat de Rabobank onvoldoende had onderbouwd dat de werknemer niet geschikt was voor de bedongen arbeid. Het hof verwierp de grieven en bevestigde het vonnis van de kantonrechter.
Het hof overwoog dat het kort geding zich niet leent voor bewijslevering en dat de Rabobank geen contra-expertise had geleverd tegen het UWV-oordeel. Ook was de Rabobank niet geslaagd in haar stelling dat de werknemer zich niet onvoorwaardelijk beschikbaar had gesteld. De Rabobank werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de Rabobank de werknemer moet wedertewerkstellen en loon moet doorbetalen vanaf 19 mei 2009.