ECLI:NL:GHAMS:2011:BR4349
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens niet-dienen memorie van grieven
Appellante, N.V. Noordhollandsche van 1816 Schadeverzekeringsmaatschappij, kwam in hoger beroep tegen een vonnis van de rechtbank Alkmaar. Zij diende echter geen memorie van grieven in op de roldata 17 en 31 mei 2011. Geïntimeerde diende een verzoek tot peremptoirstelling/akte niet-dienen in, dat door het hof werd toegewezen.
Appellante voerde aan dat een griffiemedewerkster telefonisch aan haar secretaresse had medegedeeld dat er geen peremptoir stond geagendeerd en dat uitstel mogelijk was, maar het hof achtte dit niet aannemelijk. De beslissing tot akte niet-dienen was volgens het hof correct en berustte op juiste toepassing van het procesreglement.
Omdat appellante geen memorie van grieven had genomen, werd zij niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep en veroordeeld in de proceskosten. Het hof wees het beroep op een eerdere HR-uitspraak af omdat hier geen sprake was van een administratieve vergissing.
De zaak werd verwezen naar de rol voor fourneren voor arrest, waarna het arrest werd gewezen op 28 juni 2011 door het hof in Amsterdam.
Uitkomst: Appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het niet indienen van de memorie van grieven en veroordeeld in de proceskosten.