ECLI:NL:GHAMS:2011:BT8501
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- S.F. Schütz
- D.J. van der Kwaak
- W.J. van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Vordering tot inzage bescheiden afgewezen wegens strijd met goede procesorde
In deze civiele procedure staat een incident centraal waarin eiser in incident vordert inzage van bepaalde bescheiden die relevant zijn voor een lopende bodemprocedure. Deze vordering is ingesteld ex artikel 843a Rv. De verweerders, Theodoor Gilissen Bankiers N.V. (TGB), KBL European Private Bankers S.A. en KBC Groep N.V., zijn in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam dat hun vorderingen tot verbod op gebruik en openbaarmaking van deze stukken had afgewezen.
Eiser in incident baseert zijn inzageverzoek op het feit dat TGB in reconventie een betaling vordert van een debetstand op zijn rekening, maar geen inzicht heeft gegeven in de samenstelling van de opbrengst van de liquidatie van zijn portefeuille. Hierdoor zou het voor eiser in incident onmogelijk zijn om adequaat verweer te voeren. Echter, dezelfde inzagevordering is ook reeds ingesteld in de lopende bodemprocedure bij de rechtbank.
Het hof overweegt dat het hoger beroep slechts ziet op het incident en niet op de hoofdzaak, waardoor de gevorderde stukken in het hoger beroep geen relevantie hebben. Toewijzing van de vordering in het hoger beroep zou leiden tot tegenstrijdige beslissingen en verlies van het recht op een beslissing in twee instanties, hetgeen strijdig is met de goede procesorde. Daarom verklaart het hof eiser in incident niet ontvankelijk in zijn vordering en houdt het de beslissing over de proceskosten aan tot de eindbeslissing in de hoofdzaak.
Uitkomst: Eiser in incident wordt niet ontvankelijk verklaard in zijn vordering tot inzage van bescheiden wegens strijd met goede procesorde.