ECLI:NL:GHAMS:2011:BU2083
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen klacht over handelwijze gerechtsdeurwaarder inzake incasso en rentestop
In deze zaak is hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders die een klacht van klager tegen een gerechtsdeurwaarder gedeeltelijk gegrond had verklaard. Klager stelde dat de gerechtsdeurwaarder na betekening van een vonnis in 2004 pas in 2010 contact met hem had opgenomen, waardoor de vordering vanwege rente was opgelopen. Tevens werd geklaagd over het niet reageren op een brief van klager en het niet honoreren van een verzoek om een rentestop.
Het hof heeft de feiten overgenomen zoals vastgesteld door de kamer en oordeelt dat de gerechtsdeurwaarder vanaf de betekening tot het sluiten van het dossier in 2006 tevergeefs heeft geprobeerd de vordering te incasseren. Klager was moeilijk traceerbaar en had geen inkomstenbron. De gerechtsdeurwaarder heeft na heropening van de zaak in 2010 wel gereageerd op correspondentie en telefonisch contact gehad met de vader van klager.
Het hof acht het niet aannemelijk dat een verzoek om rentestop is ontvangen en concludeert dat de klacht ongegrond is. De eerdere beslissing van de kamer wordt vernietigd en de klacht wordt afgewezen. Er wordt geen maatregel opgelegd tegen de gerechtsdeurwaarder.
Uitkomst: De klacht tegen de gerechtsdeurwaarder wordt ongegrond verklaard en de eerdere beslissing vernietigd.