ECLI:NL:GHAMS:2011:BV3472
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep effectenleaseovereenkomsten en vernietiging door ontbrekende echtelijke toestemming
In deze zaak staat centraal of de echtgenote van de leasehouder de effectenleaseovereenkomsten rechtsgeldig heeft kunnen vernietigen wegens het ontbreken van haar schriftelijke toestemming, zoals vereist op grond van artikel 1:88 BW Pro. De kantonrechter had de vernietiging toegewezen, maar Dexia stelde dat de bevoegdheid tot vernietiging was verjaard.
Het hof overweegt dat de verjaringstermijn van drie jaar begint te lopen vanaf het moment dat de echtgenote daadwerkelijk bekend is geworden met het bestaan van de leaseovereenkomsten. Dexia voerde aan dat de echtgenote reeds meer dan drie jaar voor haar vernietigingspoging op de hoogte was, omdat betalingen vanaf een gezamenlijke "en/of"-rekening plaatsvonden en bankafschriften ook aan haar waren gericht.
Het hof acht dit voorshands bewezen, maar geeft de echtgenoten gelegenheid tegenbewijs te leveren, onder meer door het horen van getuigen. Tevens wijst het hof op eerdere arresten over de zorgplicht van Dexia bij effectenleaseovereenkomsten en stelt dat de echtgenoten hun stellingen met feiten en concrete berekeningen moeten onderbouwen. De beslissing wordt aangehouden totdat het tegenbewijs is geleverd.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden om [geïntimeerden] gelegenheid te geven tegenbewijs te leveren tegen de verjaringsstelling van Dexia.