ECLI:NL:GHAMS:2011:BX7737
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen schadevergoeding wegens onduidelijkheid over bestemming dienstwoning bij koop
In deze zaak vordert appellant schadevergoeding wegens het feit dat hij een woning heeft gekocht die volgens het bestemmingsplan de bestemming 'dienstwoning' had, terwijl hij de woning als gewone burgerwoning gebruikte en betaalde. Hij stelt dat hij daardoor te veel heeft betaald en schade heeft geleden.
De rechtbank wees de vordering af, stellende dat het gebruik als burgerwoning al lang werd gedoogd en dat er geen sprake was van een relevante publiekrechtelijke belemmering die de waarde van de woning zou drukken. Het hof bevestigt dit oordeel, benadrukt dat het niet vaststaat dat het gebruik als burgerwoning strijdig was met het bestemmingsplan, mede omdat het gebruik al sinds 1971 bestond en het overgangsrecht niet meer te traceren is.
Ook is onvoldoende aannemelijk dat de gemeente handhavend zou zijn opgetreden tegen het gebruik als burgerwoning. Het taxatierapport biedt onvoldoende steun voor de gestelde schade en het feit dat de woning later voor een lagere prijs werd verkocht, leidt niet tot een ander oordeel. Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de schadevordering af wegens onvoldoende bewijs van schade door bestemming dienstwoning.