ECLI:NL:GHAMS:2012:BV2776
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.L. Bruinsma
- M.J.L. Mastboom
- A.E.M. Röttgering
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak ongewenst vreemdeling wegens ontbreken verblijf in Nederland
De verdachte, een ongewenst vreemdeling, meldde zich bij de douane op luchthaven Schiphol waar hem de formele toegang tot Nederland werd geweigerd. Hoewel hij zich feitelijk op Nederlands grondgebied bevond, oordeelde het hof dat het verwijt van verblijf als vreemdeling in Nederland niet kan worden gemaakt.
Het hof stelde vast dat artikel 197 Sr Pro in vreemdelingenrechtelijke zin moet worden uitgelegd en dat het bestanddeel 'als vreemdeling verblijven' betrekking heeft op het vreemdelingenbeleid zoals geregeld in de Vreemdelingenwet. Omdat de verdachte zich in het douanegebied bevond en formeel de toegang werd geweigerd, was de delictsomschrijving niet vervuld.
De verdediging voerde aan dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens gebrek aan rechtsmacht, maar het hof verwierp dit verweer omdat het feit zich op Nederlands grondgebied afspeelde. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte vrij van het ten laste gelegde feit.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat hij formeel geen verblijf in Nederland had ondanks feitelijk aanwezig zijn op Schiphol.