ECLI:NL:GHAMS:2012:BV9016
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging veroordeling medeplegen voorbereiding diefstal met geweld of afpersing
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 14 maart 2012 het vonnis van de rechtbank Amsterdam bevestigd in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van medeplegen van de voorbereiding van een diefstal met geweld of afpersing. Het hof acht bewezen dat verdachte samen met mededaders handelingen verrichtte die gericht waren op het plegen van een misdrijf in het winkelgebied van Amsterdam, waarbij onder meer een imitatievuurwapen, pepperspray, tie-rips, een moker en schroevendraaiers werden aangetroffen.
Het hof baseert zijn oordeel op de locatie van het voorval en de aard van de aangetroffen voorwerpen, die geschikt zijn voor geweldpleging en het openbreken van vitrines. De verweren van verdachte, die grotendeels overeenkomen met die in eerste aanleg, zijn door het hof verworpen. Ook is vastgesteld dat de aanhouding van verdachte rechtmatig was.
Het hoger beroep van verdachte tegen de vrijspraak op een ander onderdeel van de tenlastelegging is niet-ontvankelijk verklaard omdat hoger beroep tegen die beslissing niet openstaat volgens artikel 404, vijfde lid, Sv. Het hof heeft enkele correcties aangebracht in het vonnis van eerste aanleg, onder meer met betrekking tot de weergave van de feiten en de bewijsmiddelen.
De advocaat-generaal had gevorderd het vonnis te bevestigen, hetgeen het hof heeft gedaan. Het arrest is gewezen door de achtste meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, met drie rechters, en uitgesproken op de openbare terechtzitting.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling van verdachte voor medeplegen van de voorbereiding van een diefstal met geweld of afpersing.