ECLI:NL:GHAMS:2012:BW9464
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.B.C.M. van der Reep
- M.P. van Achterberg
- J.W. Hoekzema
- Rechtspraak.nl
Beleggingsadviesrelatie en zorgplicht ABN AMRO jegens HRB Holding B.V.
HRB Holding B.V. is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin haar vorderingen tegen ABN AMRO wegens vermeende tekortkomingen in de beleggingsadviesrelatie werden afgewezen. HRB stelde dat ABN AMRO haar zorgplicht had geschonden door onvoldoende te waarschuwen voor de risico's van het schrijven van putopties en door het niet tijdig signaleren van afwijkingen in het beleggingsprofiel.
Het hof stelde vast dat HRB sinds de jaren 90 een adviesrelatie met ABN AMRO had en zelf verantwoordelijk bleef voor haar beleggingsbeslissingen. HRB was ervaren in beleggen en bekend met de risico's van marginverplichtingen. Uit gesprekken en correspondentie bleek dat HRB bewust de risico's aanvaardde en dat ABN AMRO voldoende had geïnformeerd en gewaarschuwd.
Het hof concludeerde dat niet is komen vast te staan dat HRB bij naleving van de zorgplicht door ABN AMRO een ander, minder verliesgevend beleggingsbeleid zou hebben gevoerd. De grieven van HRB faalden daarom en het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank. HRB werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat ABN AMRO niet tekort is geschoten in haar zorgplicht en wijst de vorderingen van HRB af.