ECLI:NL:GHAMS:2012:BY6350
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.P.M. van Rijn
- J.P.A. Boersma
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing kwijtschelding schenkingsrecht bij voortzetting agrarische onderneming
Belanghebbende exploiteerde een agrarisch bedrijf en ontving in 2002 voorwaardelijke kwijtschelding van schenkingsrecht onder de voorwaarde van voortzetting van de onderneming gedurende 10 jaar. In 2008 verzocht hij om definitieve kwijtschelding, maar de ontvanger wees dit af omdat hij oordeelde dat de onderneming in 2007 was gestaakt.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en vernietigde de beschikking van de ontvanger. Het hof bevestigt dit oordeel en stelt vast dat belanghebbende aannemelijk heeft gemaakt dat het akkerbouwbedrijf na 2007 is voortgezet en nog een bron van inkomen vormde. Het enkele voornemen tot staking en structurele verliezen zijn onvoldoende om staking aan te nemen.
Het hof oordeelt dat het stakingsmoment voor de kwijtscheldingsregeling moet aansluiten bij het stakingsmoment voor de inkomstenbelasting, waarbij objectieve omstandigheden bepalend zijn. De ontvanger had het verzoek om kwijtschelding moeten aanhouden tot het verstrijken van de 10-jaars termijn en daarna onvoorwaardelijke kwijtschelding moeten verlenen.
De ontvanger wordt veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende en het griffierecht wordt geheven. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de onderneming niet in 2007 is gestaakt en vernietigt de intrekking van de voorwaardelijke kwijtschelding.