ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ2000
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt verplichting tot aandelenoverdracht ondanks mislukte herfinanciering
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of een koper gehouden was tot afname van 60% van de aandelen in een vennootschap, ondanks het mislukken van een beoogde herfinanciering. Partijen hadden een koopovereenkomst gesloten met de intentie dat de vennootschap zelfstandig gefinancierd zou worden zonder borgstelling van een van de aandeelhouders. De koper stelde zich op het standpunt dat het niet verkrijgen van herfinanciering een ontbindende voorwaarde was, waardoor zij niet hoefde af te nemen.
De rechtbank had de vorderingen van de koper afgewezen, omdat onvoldoende was gebleken dat partijen een ontbindende voorwaarde hadden afgesproken. Het hof bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de herfinanciering weliswaar van belang was, maar niet als ontbindende voorwaarde was vastgelegd. Getuigenverklaringen en correspondentie ondersteunden dat partijen niet hadden voorzien dat herfinanciering zou mislukken en dat zij geen afspraak hadden gemaakt voor die situatie.
De koper had zich onvoldoende ingespannen om de herfinanciering te realiseren, maar ook dit verweer faalde. Het hof veroordeelde de koper tot betaling van de koopprijs en tot medewerking aan de overdracht van de aandelen. Subsidiaire vorderingen tot schadevergoeding werden afgewezen. De koper werd tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Koper is gehouden tot betaling van de koopprijs en medewerking aan de overdracht van aandelen ondanks het mislukken van herfinanciering.