Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
mr. Y.H. van Ballegooijente Breda,
Gerechtshof Amsterdam
De Vereniging van Eigenaars (VvE) spande een procedure aan tegen een lid vanwege achterstallige lidmaatschapsbijdragen en buitengerechtelijke incassokosten. Het hof bevestigde dat de vordering, ook voor toekomstige termijnbedragen, toewijsbaar is en dat deze als een vordering uit de overeenkomst moet worden gezien.
In hoger beroep werd een tussenarrest gewezen waarin het hof oordeelde dat de vordering voor toekomstige termijnbedragen toewijsbaar is, maar de vordering voor incassokosten werd afgewezen. De VvE heeft vervolgens haar eis beperkt en het hof heroverwoog de toepasselijkheid van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten, maar bleef bij zijn eerdere oordeel.
De achterstand in periodieke bijdragen vanaf november 2011 tot en met juli 2013 werd vastgesteld op €4.223,84 vermeerderd met wettelijke rente. Tevens werd de betaling van toekomstige bijdragen vanaf augustus 2013 toegewezen. De kosten van het hoger beroep werden aan de zijde van de geïntimeerde opgelegd, met uitzondering van de kosten van de laatste akte.
Het hof vernietigde het bestreden vonnis, behalve de beslissing over de proceskosten, en veroordeelde de geïntimeerde tot betaling van de genoemde bedragen en rente, met uitvoerbaarheid bij voorraad.
Uitkomst: De geïntimeerde is veroordeeld tot betaling van achterstallige en toekomstige lidmaatschapsbijdragen met wettelijke rente en proceskosten.