Voor onderverhuur of ingebruikgeving van de gehele woning is schriftelijke toestemming van het woningbedrijf vereist. Betreft het een gedeelte van de woning, dan is geen toestemming vereist mits de huurder/huurster daadwerkelijk in de woning zijn/haar hoofdverblijf houdt. Bij onderverhuur van de gehele woning mag ten hoogste de geldende huur in rekening worden gebracht. Bij onderverhuur van een gedeelte van de woning mag ten hoogste de maximaal redelijke huurprijs worden bedongen, berekend volgens de bijlagen II en VI bij het Besluit huurprijzen woonruimte.
iii. Op 1 november 2012 heeft [geïntimeerde] via de gemeente Amsterdam een melding ontvangen dat in de woning sinds twee jaar ongeveer zeven Bulgaren woonachtig zijn die € 600,= per maand betalen voor het gebruik van de woning. Naar aanleiding van deze melding hebben twee medewerkers van [geïntimeerde] op 22 januari 2013 een huisbezoek gebracht aan de woning. Van dit bezoek is een verslag opgemaakt, dat, voor zover hier van belang, als volgt luidt:
Tijdens een avondhuisbezoek op 22 januari 2013 treffen wij (…) 4 personen aan op de woning. Een vrouw, man en 2 kinderen. De vrouw laat ons binnen en wij vragen naar onze hoofdhuurder de heer[appellant]. Mevrouw laat weten dat die hier niet woont. Volgens deze mevrouw is John in Thailand. De mevrouw vertelde dat zij en haar gezin hier al 5 jaar wonen en dat John (hoofdhuurder) heel soms wel eens langs komt. In het begin woonde John er ook wel eens maar nu niet meer. Ze heeft hem nu al 2 maanden niet meer gezien. De laatste keer dat mevrouw John zag heeft hij haar verteld dat zij weg moeten uit de woning. Er zijn familieleden van John die in de woning gaan wonen. (…) De vrouw betaalt € 500,00 huur per maand. Hiervoor maken zij gebruik van de 2 slaapkamers keuken en badkamer. De woonkamer is heel summier ingericht er staat een flatscreen TV en wat losse spullen. De achterkamer staat vol met meubelen. Volgens de vrouw zijn dat spullen van familieleden van de hoofdhuurder. Wij ontdekken verder geen persoonlijke spullen van de heer[appellant] zoals kleding, schoenen administratie. Er ligt wel wat (gesloten) post voor de hoofdhuurder. Dit haalt John op als hij in Nederland is of zijn familie neemt het mee als zij langskomen. Alleen de man en vrouw zijn ingeschreven op de woning, sinds juni/juli 2008. Zij heten mevrouw S.P. [A.] en de heer A.H. [A.]. De kinderen staat ergens anders ingeschreven. (…) Zij hebben allen de Bulgaarse nationaliteit. In de slaapkamers liggen matrassen op de grond, De man en vrouw slapen in de ene slaapkamer. De kinderen slapen in de andere slaapkamer. Overal liggen en hangen kledingstukken door de slaapkamers. De huur wordt contant aan John betaald of aan familie (…)
iv. In een schriftelijke verklaring heeft de dochter van A.H. [A.] en S.P.[A.] verklaard dat zij met haar ouders en broer sinds vijf jaar in de woning woont en dat haar ouders daarvoor € 500,= huur per maand betalen. De verklaring is ondertekend door haar ouders.
v. Volgens een uittreksel uit de Gemeentelijke Basisadministratie van 26 november 2012 hebben op het adres van de woning, naast[appellant], sinds 1993 in totaal acht personen ingeschreven gestaan. Op 26 november 2012 stonden alleen[appellant] (sinds juli 1993) en [A.] en[A.] (sinds juni/juli 2008) nog op het adres van de woning ingeschreven.
vi. Naar aanleiding van het huisbezoek heeft [geïntimeerde][appellant], na een gesprek met hem op 18 maart 2013, op 22 maart 2013 gesommeerd de huurovereenkomst op te zeggen.[appellant] heeft aan die sommatie niet voldaan.
vii. Naar aanleiding van het bestreden vonnis heeft[appellant] de woning op 15 juni 2013 ontruimd. [geïntimeerde] heeft de woning per 15 augustus 2013 aan een derde verhuurd.