Uitspraak
1.[APPELLANTE SUB 1] en
2. [APPELLANTE SUB 2],
mr. J.G. Princente Rotterdam,
mr. I.M.C.A. Reinders Folmerte Amterdam.
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak stond de nakoming van een koopovereenkomst voor onroerend goed centraal, waarbij ZOM als koper en [appellanten] als verkopers betrokken waren. De discussie betrof met name de levering aan een nader te noemen meester, Y-Land, en de aansprakelijkheid voor niet-tijdige betaling van de koopprijs.
Het hof oordeelde dat ZOM naliet om tijdig en zonder voorbehoud de naam van de meester (Y-Land) te noemen, zoals vereist volgens artikel 3:67 BW Pro. Hierdoor wordt ZOM geacht de overeenkomst voor zichzelf te zijn aangegaan en aansprakelijk voor de verplichtingen van Y-Land. De levering aan Y-Land was geldig, maar ZOM blijft verantwoordelijk voor nakoming.
Verder werd vastgesteld dat ZOM toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar betalingsverplichtingen, waardoor zij de contractueel overeengekomen boete verschuldigd is. Het hof matigde de boete deels vanwege reeds gedane betalingen en de verhouding tot de koopprijs. De vorderingen van ZOM tot schadevergoeding wegens vertraagde levering werden afgewezen. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en ZOM veroordeeld tot betaling van € 1.013.559,80 plus rente en kosten.
Uitkomst: ZOM is aansprakelijk voor de nakoming van Y-Land en veroordeeld tot betaling van een gematigde contractuele boete aan [appellanten].