Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
mr. T.S. Jansente Amsterdam,
mr. J. Hagerste Amsterdam.
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak in hoger beroep gaat het om een geschil tussen Lemeey III B.V. en Roma Beheer B.V. over diverse vorderingen in een kort geding en de bodemprocedure. Na eerdere tussenarresten heeft het hof de stand van zaken beoordeeld waarbij de rechtbank in een tussenvonnis bepaalde dat Lemeey zich kan beroepen op een opschortingsrecht ten aanzien van de vorderingen van Roma.
Dit opschortingsrecht leidt ertoe dat de primaire en subsidiaire vorderingen van Roma worden afgewezen, omdat deze vorderingen betrekking hebben op betaling van geldsommen die door de lopende bodemprocedure worden beïnvloed. Daarnaast vordert Roma dat Lemeey voldoet aan een eis uit een Vendor Loan overeenkomst betreffende het aanhouden van een eigen vermogen van minimaal € 5.000.000,-. Lemeey betwist dit en het hof oordeelt dat Roma deze betwisting onvoldoende heeft weerlegd, waardoor ook deze vordering wordt afgewezen.
Het hof vernietigt het bestreden vonnis en wijst alle vorderingen van Roma af. Tevens veroordeelt het hof Roma in de kosten van de eerste aanleg en het hoger beroep, met een specificatie van verschotten en salaris advocaat, te vermeerderen met wettelijke rente bij niet tijdige betaling. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Alle vorderingen van Roma Beheer B.V. worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.