ECLI:NL:GHAMS:2013:CA3456
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Berisping gerechtsdeurwaarder wegens onnodige stallingkosten en onvoldoende informatieverstrekking
De gerechtsdeurwaarder nam op 17 december 2007 een auto in beslag ten behoeve van een schuldeiser. De auto werd vervolgens zonder mededeling aan de opdrachtgever in gerechtelijke bewaring gegeven en ruim anderhalf jaar vastgehouden, terwijl de executieopbrengst slechts € 1.000,- bedroeg. Gedurende deze periode liepen stallingkosten op tot € 6.439,11, waarvan klager pas in december 2009 op de hoogte werd gesteld.
De opdrachtgever stelde dat de gerechtsdeurwaarder onnodige en excessieve kosten in rekening bracht en onvoldoende communiceerde over de bewaring en de kosten. De voorzitter van de kamer voor gerechtsdeurwaarders had dit aanvankelijk anders beoordeeld, maar de kamer verklaarde het verzet van klager gegrond en legde een berisping op aan de gerechtsdeurwaarder.
In hoger beroep bevestigde het hof dat een gerechtsdeurwaarder die een ambtshandeling feitelijk verricht zelf verantwoordelijk is, ook als de opdracht van een collega komt. Het hof oordeelde dat de gerechtsdeurwaarder onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte door de auto langer in bewaring te houden dan nuttig was voor de executie, zonder klager tijdig te informeren over de oplopende kosten. Dit handelen is tuchtrechtelijk laakbaar en rechtvaardigt de opgelegde berisping.
Uitkomst: De berisping tegen de gerechtsdeurwaarder wegens onnodige stallingkosten en onvoldoende informatieverstrekking wordt bevestigd.