ECLI:NL:GHAMS:2014:1163
Gerechtshof Amsterdam
- Verwijzing na Hoge Raad
- J. den Boer
- E.F. Faase
- A.M.J.G. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Hof bevestigt belastingaanslagen en boetebesluit na verwijzing Hoge Raad
Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 6 maart 2014 uitspraak gedaan in meerdere hoger beroepen na verwijzing door de Hoge Raad. De zaken betreffen belastingaanslagen in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (IB/Pvv) en vennootschapsbelasting (Vpb) over de jaren 1999, 2001 en 2003, alsmede naheffingsaanslagen omzetbelasting (OB) en opgelegde boetes.
Na een uitgebreide procedure met schriftelijke reacties, zittingen en het uitwisselen van overzichten en stukken, heeft het hof de resterende geschilpunten beoordeeld. Het hof bevestigt de rechtbankuitspraken voor de meeste aanslagen en wijst de beroepen van belanghebbenden af. De inspecteur heeft deels gelijk gekregen in het incidentele hoger beroep over de boete voor het jaar 2001, die het hof vermindert tot € 725 wegens grove schuld.
Verzoeken om integrale proceskostenvergoeding en schadevergoeding op grond van artikel 8:73 Awb Pro worden afgewezen. Wel wordt het verzoek om immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke behandelingstermijn in de beroepsfase heropend voor nadere behandeling, waarbij de minister van Veiligheid en Justitie als partij zal worden betrokken.
De uitspraak bevestigt daarmee grotendeels de belastingaanslagen en het boetebesluit, met uitzondering van de boetevermindering en het nader onderzoek naar immateriële schadevergoeding in de beroepsfase.
Uitkomst: Het hof bevestigt de belastingaanslagen, vermindert de boete tot € 725 en wijst verzoeken om schadevergoeding en proceskostenvergoeding af, met uitzondering van nader onderzoek naar immateriële schadevergoeding in de beroepsfase.