Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[APPELLANTE SUB 1],
[APPELLANT SUB 2],
ABN AMRO BANK N.V.,
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak bij het Gerechtshof Amsterdam stond de vraag centraal of appellanten in hoger beroep ontvankelijk waren, nadat het hof in een incident had bepaald dat appellant sub 2 zekerheid moest stellen in de vorm van een bankgarantie ter grootte van € 2.644,50.
Appellant sub 2 had geen woonplaats in Nederland en had niet tijdig de bankgarantie gesteld, ondanks de duidelijke termijn die het hof had gesteld. Hierdoor werd hij niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep. Appellant sub 2 voerde aan dat hij nog steeds in Nederland ingeschreven zou zijn, maar leverde geen bewijsstukken ter ondersteuning.
Appellant sub 1 werd niet getroffen door het bevel tot zekerheidstelling en haar hoger beroep werd verwezen naar de rol van 29 april 2014 voor beraad. Zij had aangegeven pleidooi te willen voeren en moest daarvoor stukken aanleveren en verhinderingen opgeven.
Het hof hield verdere beslissing aan en verklaarde appellant sub 2 niet-ontvankelijk, waarmee het hoger beroep van deze appellant werd beëindigd.
Uitkomst: Appellant sub 2 is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep wegens het niet tijdig stellen van een bankgarantie.