ECLI:NL:GHAMS:2014:4109

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
23 september 2014
Publicatiedatum
8 oktober 2014
Zaaknummer
23-003978-10
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk wegens niet-oproepen verdachte op bekend buitenlands adres

Deze zaak betreft een hoger beroep tegen een vonnis van de politierechter uit 2009. Het ten laste gelegde feit vond plaats in 2006. Verdachte stelde in 2010 hoger beroep in. Sindsdien heeft de zaak meerdere keren gediend bij het gerechtshof Amsterdam. De dagvaarding in hoger beroep werd tweemaal nietig verklaard en eenmaal aangehouden omdat het Openbaar Ministerie de verdachte niet op haar bekende adres in Ghana had opgeroepen.

Op de terechtzitting van 23 september 2014 bleek dat het Openbaar Ministerie wederom had nagelaten de verdachte op te roepen op het buitenlandse adres. Het hof concludeerde hieruit dat het Openbaar Ministerie geen belang meer hecht aan de vervolging van verdachte.

Daarom vernietigde het hof het vonnis waarvan beroep en verklaarde het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in zijn vervolging. Dit arrest is gewezen door de meervoudige economische kamer van het gerechtshof Amsterdam en uitgesproken op 23 september 2014.

Uitkomst: Het Openbaar Ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet oproepen van verdachte op haar buitenlandse adres.

Uitspraak

parketnummer: 23-003978-10
datum uitspraak: 23 september 2014
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Haarlem van 30 oktober 2009 in de strafzaak onder parketnummer
15-662672-07 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1956,
adres: [adres].

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van
23 september 2014.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie

Het hof constateert dat het ten laste gelegde zich heeft afgespeeld in 2006, waarop de politierechter op
30 oktober 2009 vonnis heeft gewezen. De verdachte heeft op 22 september 2010 hoger beroep ingesteld. Inmiddels heeft de zaak drie maal gediend bij dit hof en is de dagvaarding in hoger beroep twee maal nietig verklaard en is de zaak één keer aangehouden omdat het Openbaar Ministerie de verdachte iedere keer niet had opgeroepen op het bekende adres van de verdachte in Ghana. Voor de zitting van 23 september 2014 is de verdachte wederom niet opgeroepen op het betreffende adres in Ghana. Het hof leidt daaruit af dat het Openbaar Ministerie geen belang meer hecht aan de vervolging van verdachte.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart het openbaar ministerie ter zake van het ten laste gelegde niet-ontvankelijk in zijn strafvervolging.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige economische kamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N.A. Schimmel, mr. W.H. van Benthem en mr. A.M.C.C. Tubbing, in tegenwoordigheid van mr. A.T. de Muinck - Dezentje, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 23 september 2014.
Mr. A.M.C.C. Tubbing is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.