ECLI:NL:GHAMS:2014:4343
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs invoer van MDMA op Schiphol
De verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk invoeren van ongeveer 810 gram MDMA in Nederland via Schiphol op 12 juni 2012. Hij had zijn bagage op 9 juni ingecheckt voor een reis naar Nairobi, waar hem de toegang werd geweigerd, waarna hij terugkeerde naar Schiphol. Bij het ophalen van zijn bagage op 12 juni trof de douane verdovende middelen aan.
De verdachte ontkende kennis van de drugs in zijn bagage en verklaarde de bagage pas op 12 juni weer te hebben gezien. Er zijn geen feiten of omstandigheden die dit tegenspreken. Het hof kon niet vaststellen waar, wanneer en door wie de drugs in de bagage waren geplaatst, noch dat de verdachte bewust de reis zo had gepland om drugs in te voeren.
Door deze onduidelijkheden kon het hof niet tot wettig en overtuigend bewijs komen dat de verdachte opzet had op invoer van de drugs. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak de verdachte vrij van de tenlastelegging.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van opzet op invoer van MDMA.