ECLI:NL:GHAMS:2014:572
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.M.M. Tillema
- J.M.W. Tromp
- E.J.H. Schrage
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vernietiging effectenleaseovereenkomsten en verjaring ex artikel 1:89 BW
In deze zaak staat centraal de vernietiging van vijf effectenleaseovereenkomsten die [geïntimeerde] op 1 mei 2001 heeft gesloten met Dexia Nederland B.V. De echtgenote van [geïntimeerde] had geen schriftelijke toestemming gegeven voor het aangaan van deze overeenkomsten en heeft deze bij brief van 7 januari 2005 vernietigd op grond van artikel 1:89 BW Pro. Dexia stelde zich op het standpunt dat de vordering tot vernietiging was verjaard, omdat de echtgenote langer dan drie jaar voor de vernietigingsbrief bekend zou zijn geweest met het bestaan van de leaseovereenkomsten.
De rechtbank had het bewijsvermoeden ontleend aan betalingen vanaf een en/of rekening dat de echtgenote bekend was met de overeenkomsten, maar dit vermoeden werd door getuigenverklaringen weerlegd. Het hof bevestigt deze beoordeling en oordeelt dat Dexia onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld om de bekendheid van de echtgenote langer dan drie jaar voor de vernietigingsbrief aan te tonen. De getuigenverklaringen tonen aan dat het financiële beheer bij [geïntimeerde] lag en dat de echtgenote zich het exacte moment van kennisname niet kon herinneren.
Het hof concludeert dat de vordering tot vernietiging niet is verjaard en dat de vernietiging rechtsgeldig is. Het beroep van Dexia wordt verworpen en het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd. Dexia wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt Dexia tot terugbetaling wegens niet-verjaarde vernietiging van effectenleaseovereenkomsten.