Uitspraak
1.de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[verzoeker 2],
mr. P.J. van der Korst, kantoorhoudende te Amsterdam,
mr. A.R.J. Croiset van Uchelen, kantoorhoudende te Amsterdam.
Gerechtshof Amsterdam
De Ondernemingskamer Amsterdam heeft op 8 april 2015 besloten het enquêteonderzoek naar het dividendbeleid van Koninklijke Luchtvaart Maatschappij N.V. (KLM) te beëindigen. Dit onderzoek was aanvankelijk bevolen op verzoek van Emarcy B.V. en andere verzoekers. KLM had tegen deze beschikking cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben echter een vaststellingsovereenkomst gesloten waarin zij overeenkwamen het onderzoek te beëindigen. De Ondernemingskamer heeft dit gezamenlijke verzoek ingewilligd, aangezien er geen belang bleek dat zich tegen beëindiging verzette. De enquêteprocedure zal formeel eindigen door intrekking van of uitspraak op het cassatieberoep.
Verder heeft de Ondernemingskamer bepaald dat de onderzoeker een specificatie van zijn kosten moet indienen conform artikel 2:350 lid 3 BW Pro, zodat de vergoeding kan worden vastgesteld. Deze specificatie moet inzicht geven in de aard, omvang, tijdsbesteding en tarieven van de werkzaamheden.
De beschikking is gegeven door vijf raadsheren, waaronder drie raadsheren en twee raden, en is uitgesproken tijdens een openbare zitting. Hiermee komt een einde aan het onderzoek dat sinds januari 2014 liep en dat betrekking had op het dividendbeleid van KLM.
Uitkomst: Het enquêteonderzoek naar het dividendbeleid van KLM wordt beëindigd en de onderzoeker moet zijn kosten specificeren voor vergoeding.