ECLI:NL:GHAMS:2015:1524
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontruiming sociale huurwoning wegens ontbreken hoofdverblijf huurder en onderverhuur aan derden
Eigen Haard verhuurde een sociale huurwoning aan appellant sub 2 met de verplichting deze zelf als hoofdverblijf te bewonen. Na meldingen van overlast en onderzoek bleek dat appellant sub 2 de woning geruime tijd niet bewoonde en deze aan zijn zoon en diens vriendin in gebruik had gegeven.
De voorzieningenrechter wees de ontruimingsvordering toe, waarna appellant in hoger beroep ging. Het hof bevestigde dat appellant sub 2 niet zijn hoofdverblijf in de woning had, mede gelet op het ontbreken van persoonlijke bezittingen, verklaringen van buurtbewoners en het feit dat de zoon en diens vriendin de woning gebruikten.
Het hof oordeelde dat sprake was van een ernstige tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst en dat Eigen Haard een spoedeisend belang had bij ontruiming vanwege schaarste aan sociale huurwoningen. De vordering werd daarom toegewezen en het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming van de sociale huurwoning wordt toegewezen wegens het ontbreken van het hoofdverblijf van huurder en onderverhuur aan derden.