ECLI:NL:GHAMS:2015:2399

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
12 juni 2015
Publicatiedatum
23 juni 2015
Zaaknummer
K14/0447
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevel tot vervolging wegens diefstal en heling na strafbeschikking

Klaagster diende een beklag tegen de beslissing van de officier van justitie om een strafbeschikking van €360,- uit te vaardigen tegen beklaagde voor diefstal en heling. Het hof ontving het klaagschrift en nam kennis van het dossier, inclusief het ambtsbericht en het verslag van de advocaat-generaal.

Tijdens de raadkamerbehandeling lichtte klaagster haar beklag toe en handhaafde dit. Beklaagde was, ondanks oproep, niet verschenen. De advocaat-generaal bleef bij haar advies om vervolging te bevelen. Het hof achtte het aannemelijk dat bij een strafrechterlijke behandeling een bewezenverklaring zou volgen.

Hoewel beklaagde de boete had betaald, had klaagster hem €500 betaald voor een fiets die haar was gestolen, wat erop wijst dat beklaagde er financieel beter van werd. Dit is onaanvaardbaar en schaadt het algemeen belang van normhandhaving. Daarom beveelt het hof vervolging, waarbij het OM de mogelijkheid heeft om een strafbeschikking in te stellen als dat passend is en de belangen van klaagster niet schaadt.

Uitkomst: Het hof beveelt de vervolging van beklaagde wegens diefstal en heling en staat toe dat dit via een strafbeschikking kan worden ingesteld.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

BEKLAGKAMER
Beschikking van op het beklag met het rekestnummer K14/0447 van
[klager],
wonende te Amsterdam,
klaagster.

1.Het beklag

Het klaagschrift is op 24 oktober 2014 door het hof ontvangen. Het beklag richt zich tegen de beslissing van de officier van justitie te Amsterdam om een strafbeschikking van
€ 360,- uit te vaardigen tegen
[beklaagde], wonende te Amsterdam, ter zake van diefstal en heling.

2.Het verslag van de advocaat-generaal

Bij verslag van 3 maart 2015 heeft de advocaat-generaal het hof in overweging gegeven de vervolging te bevelen.

3.De voorhanden stukken

Behalve van het klaagschrift en van het verslag heeft het hof kennis genomen van de in deze zaak door de politie opgemaakte processen-verbaal en van het ambtsbericht namens de hoofdofficier van justitie te Amsterdam van 11 december 2014.

4.De behandeling in raadkamer

De daartoe aangewezen raadsheer-commissaris heeft klaagster in de gelegenheid gesteld op 30 april 2015 het beklag toe te lichten. Klaagster is in raadkamer verschenen en heeft het beklag toegelicht en gehandhaafd.
Voorts heeft de raadsheer-commissaris beklaagde [beklaagde] (hierna te noemen: beklaagde) in de gelegenheid gesteld op 30 april 2015 op een ander tijdstip te worden gehoord. Beklaagde is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet in raadkamer verschenen.
De advocaat-generaal is bij de behandelingen in raadkamer aanwezig geweest. In hetgeen in raadkamer naar voren is gekomen heeft zij geen aanleiding gevonden de conclusie in het verslag te herzien.

5.De beoordeling van het beklag

Voor een overzicht van de feiten die als uitgangspunt dienen voor de beoordeling van de klacht verwijst het hof naar de inhoud van het aan deze beschikking in kopie gehechte verslag en ambtsbericht.
Op grond van de inhoud van het dossier acht het hof, evenals het Openbaar Ministerie, aannemelijk dat als de zaak aan de strafrechter zou worden voorgelegd, een bewezenverklaring ter zake van diefstal, dan wel heling, zou kunnen volgen.
Beklaagde heeft door betaling van genoemde boete voldaan aan de hem door het Openbaar Ministerie opgelegde strafbeschikking. Het boetebedrag komt overeen met de straffen die doorgaans in soortgelijke zaken door de strafrechter worden opgelegd.
Echter, het hof moet vaststellen dat klaagster aan beklaagde een bedrag van 500 euro heeft betaald om een fiets van hem te kopen, die bij nader onderzoek de haar ontstolen fiets bleek te zijn. Het heeft er daarom alle schijn van dat beklaagde – als hij veroordeeld zou worden voor de diefstal dan wel de heling van de fiets – er na betaling van een boete ter hoogte van het door de officier van justitie vastgestelde bedrag toch nog beter van is geworden.
Dat zulks voor klaagster onverteerbaar is, is alleszins begrijpelijk en dit is ook met het oog op het algemeen belang: handhaving van de norm dat diefstal niet mag lonen, niet uit te leggen.
Het hof ziet, mede in verband met de mogelijkheid die klaagster in dat geval zal kunnen benutten om haar schadevordering als benadeelde partij in te dienen, voldoende redenen om de vervolging van beklaagde te bevelen.
Indien het Openbaar Ministerie daartoe termen aanwezig acht en de belangen van klaagster in verband met schadevergoeding daarbij niet geschaad zullen worden, kan vervolging worden ingesteld door middel van een OM-strafbeschikking.

6.De beslissing

Het hof beveelt de officier van justitie te Amsterdam om [beklaagde] te vervolgen ter zake van het feit waarop het beklag betrekking heeft en bepaalt dat indien daartoe termen aanwezig zijn de vervolging kan worden ingesteld door middel van een OM-strafbeschikking.
Deze beschikking, waartegen geen gewoon rechtsmiddel openstaat, is gegeven op
door mrs. P.C. Kortenhorst, voorzitter, N. van der Wijngaart en J.W.H.G. Loyson, raadsheren, in tegenwoordigheid van mr. S.G.J. Berk, griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier.