Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
- met voorafgaande berichtgeving - niet verschenen.
Gerechtshof Amsterdam
Appellant diende een beroepschrift in tegen een beslissing van de kamer voor het notariaat die zijn verzet tegen een eerdere beslissing van de plaatsvervangend voorzitter ongegrond verklaarde. De kamer had eerder het verzet van appellant afgewezen op grond van artikel 99 van Pro de Wet op het notarisambt (Wna), dat bepaalt dat tegen dergelijke beslissingen geen rechtsmiddel openstaat.
Het hof heeft de stukken van de kamer en de ingediende stukken van partijen bestudeerd en de zaak behandeld tijdens een openbare zitting waarbij appellant wel aanwezig was, maar de oud-notaris niet. Het hof constateerde dat er geen feiten of omstandigheden waren die de uitsluiting van hoger beroep konden doorbreken.
Daarom verklaarde het hof appellant niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep, omdat artikel 99 Wna Pro expliciet uitsluit dat tegen de beslissing van de kamer op het verzet rechtsmiddelen mogelijk zijn. Het enkele feit dat appellant de beslissing inhoudelijk betwist, is onvoldoende om het beroep ontvankelijk te verklaren.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep tegen de beslissing van de kamer voor het notariaat.