Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
Niet-ontvankelijkverklaring (wegens termijnoverschrijding)
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende heeft op 25 oktober 2010 BPM voldaan en maakte bezwaar tegen deze voldoening op 27 april 2012, ruim na de wettelijke termijn van zes weken. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hoger beroep bij het Hof bevestigt dit oordeel.
Belanghebbende voerde aan dat het ontbreken van een rechtsmiddelenverwijzing op het aangiftebiljet en betalingsbericht de termijnoverschrijding verschoonbaar maakte en dat de termijnregel in strijd was met Europees recht. Het Hof oordeelde dat de voldoening op aangifte geen besluit is in de zin van de Awb en dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is, mede omdat belanghebbende werd bijgestaan door een deskundige.
Verder stelde belanghebbende dat de inspecteur ambtshalve teruggaaf had moeten verlenen, maar het Hof bevestigde dat een dergelijke ambtshalve beslissing niet voor bezwaar vatbaar is en dat het Europese recht de formele rechtskracht van de voldoening op aangifte niet doorbreekt. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de BPM is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn en deze beslissing is bevestigd.