Op 18 juli 2013 werd verdachte samen met anderen aangehouden in een bestelbus waarin achttien gestolen mobiele telefoons werden aangetroffen. Tijdens een achtervolging door de politie werden deze telefoons uit de bus gegooid. Verdachte zat in de laadruimte van de bus en vluchtte na stilstand van het voertuig.
De verdediging betoogde dat niet bewezen kon worden dat verdachte wist dat de telefoons gestolen waren en dat hij deze uit de bus had gegooid. Het hof verwierp deze stellingen op grond van de omstandigheden, waaronder de aanwezigheid van verdachte in de laadruimte met de telefoons en het feit dat zij zich ontdeden van de telefoons tijdens de achtervolging.
Het hof acht bewezen dat verdachte medepleegde in de opzetheling van de telefoons en dat hij wist dat deze van misdrijf afkomstig waren. Gezien de ernst van het feit en eerdere veroordelingen van verdachte, legde het hof een taakstraf van 80 uur en 40 dagen hechtenis op, met aftrek van voorarrest.
Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht, waarbij verdachte gedeeltelijk werd vrijgesproken van andere tenlasteleggingen.