Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil in hoger beroep
€ 2.100
€ 2.108
4.Beoordeling van het geschil
€ 5.000 -/-
€ 2.150 -/-
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende verkreeg in 2010 een woning van haar vader tegen een koopsom van € 250.000, waarvan € 40.000 werd kwijtgescholden. Over deze kwijtschelding deed zij aangifte als schenking en verzocht verrekening van de betaalde overdrachtsbelasting.
De inspecteur berekende de schenking op basis van de WOZ-waarde van € 258.000 en paste de samenloopregeling toe, waardoor de totale schenking € 48.000 bedroeg. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. In hoger beroep bevestigde het hof dat de verkoop en kwijtschelding als samenstel van rechtshandelingen moeten worden beschouwd, waardoor de waarderingsregel van artikel 21 lid 5 SW Pro van toepassing is.
Het hof rekende de schenkbelasting uit op basis van de WOZ-waarde minus de koopsom en de vrijstelling, en verrekende de betaalde overdrachtsbelasting proportioneel. De aanslag van € 1.075 werd als juist beoordeeld en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag schenkbelasting van € 1.075 wordt bevestigd.