Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
- Dat er 2 proefplaten worden gefreesd (1x 300x2000mm en 1x te walsen plaat)
- Dat wij begin w14 gaan starten met de 2 proefplaten
- Dat we bij deelleveringen het aantal platen kunnen factureren naar rato van het totaalbedrag
- Dat wij het geleverde materiaal apart opslaan en merken met ‘eigendom [appellante] ’
€ 170.764,-- exclusief BTW. Ook heeft [appellante] dienovereenkomstige betalingsbewijzen overgelegd.
3.Beoordeling
€ 1.375,--, waartegen [geïntimeerden] verweer hebben gevoerd, wijst het hof op grond van het volgende af. Ten aanzien van buitengerechtelijke kosten geldt dat zij op de voet van art. 6:96 lid 2 BW Pro voor vergoeding in aanmerking komen, onder meer als het gaat om redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte, behoudens ingeval krachtens art. 241 Rv Pro de regels omtrent proceskosten van toepassing zijn. [appellante] heeft niet onderbouwd dat kosten zijn gemaakt die betrekking hebben op verrichtingen die meer omvatten dan een (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een (niet aanvaard) schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De kosten waarvan [appellante] vergoeding vordert moeten dan ook worden aangemerkt als betrekking hebbend op verrichtingen waarvoor de proceskostenveroordeling een vergoeding pleegt in te houden.