ECLI:NL:GHAMS:2015:4513
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen huurovereenkomst maar bruikleen van grond met zorgplicht als goed huisvader
Appellant kreeg in 2000 een braakliggend stuk grond in gebruik van het AMC, zonder betaling, met de verplichting het stuk grond als een goed huisvader te beheren. In 2011 verkocht het AMC het stuk grond aan de gemeente Amsterdam en beëindigde het gebruik per 1 mei 2012, met een latere uitlooptermijn tot 1 september 2012, overeengekomen in een brief ondertekend door appellant.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat sprake was van een huurovereenkomst vanwege een vermeende tegenprestatie, dat hij onder druk de ontruimingsovereenkomst had getekend, dat de ontruimingstermijn te kort was en dat hij recht had op vergoeding van investeringen. Het hof verwierp deze grieven omdat de zorgplicht als goed huisvader niet als tegenprestatie voor huur geldt, er geen bewijs was voor druk of wilsgebrek, appellant ruim de tijd had om zich voor te bereiden op de ontruiming, en onvoldoende onderbouwing voor een vergoeding bestond.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank Amsterdam, veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep en verklaarde de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van appellant af, met veroordeling in de proceskosten.