ECLI:NL:GHAMS:2015:5002
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring verdachte in hoger beroep na intrekking grieven
In deze strafzaak was tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam hoger beroep ingesteld door de verdachte. Tijdens de behandeling van het hoger beroep heeft de verdachte te kennen gegeven dat hij het hoger beroep niet wenst te handhaven en daarmee zijn eerder opgegeven bezwaren intrekt.
Het gerechtshof heeft vervolgens overwogen dat er geen rechtens te respecteren belang bestaat bij voortzetting van het hoger beroep. Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 17 november 2015, na behandeling van de zaak op 27 januari 2015 en 17 november 2015. De griffier was mr. A.S. Metgod.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking van de grieven.