Uitspraak
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Tenlastelegging
Voorvragen
ZD02 DIV/12) en waaruit blijkt dat de zaak in 2002 al was vermeld als afgehandeld. Het gaat om een politiesepot dat niet in de wet is geregeld.
rapportnummer 3002/015) werd een sepotbeslissing in die tijd genomen door de zogenoemde Hopper (hulpofficier parketsecretaris). Deze beslissing werd in de eigen administratieve registratie verwerkt en niet aan de verdachte en/of de aangever medegedeeld omdat het geautomatiseerde systeem van de politie deze mogelijkheid niet bood.
journaalmet betrekking tot het incident dat op 19 augustus 2012 plaatsvond rond, naar het hof begrijpt, [slachtoffer 3] , en enkele daarop ondernomen activiteiten van de politie. In het journaal dat, blijkens het daarop geplaatste stempel, is ingevoerd op 22 oktober 2003, is opgemerkt: “
oktober 2003: Zaak stond vorig jaar al op afgehandeld. So ging retour. Gecontroleerd in DVAS, opleggen voorlopig”(
ZD02 DIV 12).
ZD04 DIV/01). Met betrekking tot het politiesepot en de betekening daarvan is niets in de wet geregeld. Wegens het ontbreken van het schaduwdossier kan niet worden vastgesteld dat deze beslissing niet aan de verdachte is betekend. Ook in dit geval is dus sprake van een sepotbeslissing waarop het Openbaar Ministerie niet terug mocht komen.
Formulier vastlegging afstemming tussen hopper en politie over sepot”(ZD 04 DIV/01).
“code 02 geen bewijsen daaronder is, handgeschreven en voorzien van een paraaf, de opmerking geplaatst: “
akkoord sepot 02”.
Vonnis waarvan beroep
Vrijspraak
Bewijsoverwegingen
Overwegingen ten aanzien van feit 1. en feit 2.
ZD01 AH/06-AH/15), waarbij zij de verdachte zowel als [verdachte] , [verdachte] , als [verdachte] heeft aangeduid:
ZD01 AH/41-AH/48):
ZD01 AH/41-AH/48):
ZD01 AH/80-AH/84):
RC map 2):
groene dossiermap raadsheer-commissaris):
vonnis 17 juni 2013, p. 44, 45 en 46).
AH/93):
- Hij heeft [slachtoffer 2] voor het eerst ontmoet toen hij gedetineerd was en in een open kamp in Hoorn verbleef. (17)
- Hij heeft [slachtoffer 2] via [betrokkene 1] en diens vriendin [getuige 2] leren kennen. (1)
- [slachtoffer 2] en hij verbleven bij zijn vader en moeder thuis op het adres [adres 1] . (3)
- [slachtoffer 2] werd zwanger van hem en hun zoontje [kind] is op 22 februari 2002 geboren. (2)
- [slachtoffer 2] woonde tijdens haar zwangerschap bij hem in Huizen. (3)
- [slachtoffer 2] en haar broer [betrokkene 2] hebben samen een paar weken in zijn woning aan de [adres 2] in Hilversum verbleven. (10)
- [betrokkene 2] en [slachtoffer 2] zijn met [kind] naar Polen gegaan. (10)
- [kind] is een tijdje bij [slachtoffer 2] in Polen en ook bij de moeder van [slachtoffer 2] in Polen geweest. (13, 19)
- Hij heeft daar ook kort verbleven. (13)
- [kind] had een kamer op het adres aan de Delta in Huizen en heeft ook wel op de [adres 2] gewoond. (15)
- [slachtoffer 2] heeft op 20 juni 2006 een verklaring getekend waarmee hij het eenhoofdig ouderlijk gezag over [kind] heeft verkregen. (5, 12, 18)
- Hij is in Polen bij de moeder van [slachtoffer 2] en haar vriend geweest en was toen samen met twee echte politieagenten was. (6)
- Hij heeft toen gezegd dat [kind] terug moest. (26)
- Hij heeft in het verleden eenmaal cocaine gebruikt. (7)
- Het is het laagste van het laagste is om met prostituees bezig te zijn. (22)
ZD01 get/51-get/58):
- Haar Poolse naam is [getuige 2] . Zij heeft vanaf 2000 tot 2003/2004 in Nederland in de prostitutie gewerkt. (1)
- De verdachte heeft via haar [slachtoffer 2] leren kennen. (1)
- [slachtoffer 2] werkte in die periode ook achter het raam in Groningen. (2)
- [slachtoffer 2] was op een gegeven moment in verwachting. (2)
- Zij heeft gedurende een korte periode in Alkmaar gewerkt en heeft daar [slachtoffer 2] getroffen. (20)
ZD01 AH/148-AH/150):
ZD04 AH/01)
ZD02 AH/01-AH/06)
- Zij kwam vanuit Roemenië naar Nederland en heeft de verdachte ontmoet. Hij heeft haar geslagen en haar polsen omgedraaid en haar linker arm op haar rug gedraaid waarna later bleek dat haar linkerschouder uit de kom was. (29)
- De verdachte bracht haar naar de tippelzone en zei wat zij daar moest doen en hoeveel geld zij moest vragen. (29)
ZD01 get/47-get/50 en RC map 1):
- Zij kent [slachtoffer 2] van het werken in de
- [slachtoffer 2] werkte van 19.00 uur tot 07.00 uur. Als zij wel eens eerder kwam zag zij [slachtoffer 2] al werken en als zij weer wegging zag zij [slachtoffer 2] nog werken. Zij heeft ook wel eens geprobeerd overdag te werken; dan was [slachtoffer 2] ook aan het werk. (11, 14, 21, 23, 27)
ZD01 get/01-get/04 en RC map 1):
- Toen haar dochter 4 of 5 maanden zwanger was, had de verdachte een pauze in zijn gevangenisstraf en hij kwam vanuit de gevangenis naar [slachtoffer 2] , die bij zijn ouders aan de Delta in Huizen woonde. (17)
- Anderhalve maand na de geboorte van haar zoon [kind] vluchtte [slachtoffer 2] voor de verdachte. Het kwam nog enkele keren voor dat [slachtoffer 2] naar Nederland terugging en opnieuw naar Polen vluchtte. (8, 9, 10, 19)
- [verdachte] is in 2009 naar haar huis in Polen gekomen in het bijzijn van twee Poolse politieagenten op zoek naar [kind] . Toen hij [kind] daar niet aantrof, zei hij tegen haar [slachtoffer 2] dood te maken als hij haar zou vinden. En ook dat hij met haar zou afrekenen als zij het kind niet zou teruggeven. (6)
ZD01 AH/174):
ZD01 AH/91-AH/92):
ZD01 AH/145-AH/147):
PD01 AH/111-AH/117 en AH/120):
- Zij heeft de verdachte [verdachte] in 2006 leren kennen. Zij heeft in [snackbar] in Hilversum gewerkt. De verdachte had op een gegeven moment het plan deze zaak over te nemen en de zaak op haar naam te zetten. Zij heeft ermee ingestemd en er zijn allerlei dingen geregeld. (24, 31)
- De frequentie van seks met de verdachte werd minder door drugsgebruik. (7)
ZD 01 AH/157-AH/158):
- [verdachte] heeft bij brief van 20 juni 2006 een verklaring van [slachtoffer 2] overgelegd waaruit blijkt dat zij ermee instemt dat de verdachte alleen het gezag over de minderjarige [kind] zal uitoefenen. (5, 12, 18)
- De kantonrechter heeft de verdachte belast met het éénhoofdig gezag over de minderjarige [kind] , welke beschikking uitvoerbaar bij voorraad is verklaard. (18)
AH 6/7), zodat het te minder aannemelijk is dat onzuivere motieven aan haar verklaringen ten grondslag hebben gelegen.
[slachtoffer 1] 11/9/11 AH 34/54 BM Rb 11)
. ( [slachtoffer 1] 22/9/11 AH 55/71 BM 1 rb)
geef de boodschappen aan mijn oom(=de verdachte). De verdachte zei
: ik hou er niet van als ik het moet vragen, je moet het gewoon geven. Zij verdiende goed. Het gemiddelde was 1000 euro per dag. (
[slachtoffer 1] 22/9/11 AH 55/71 BM 1 rb)
[slachtoffer 1] 26/9/11 AH 72/100 Rb BM 5)
[slachtoffer 1] 26/9/11 AH 72/100 Rb BM 5)
[slachtoffer 1] 22/9/11 AH 55/71 Rb BM 1)
11 september 2011, AH 34/54)
[slachtoffer 1] 5/10/2011 AH 244 e.v. RB BM 23)
[slachtoffer 1] 5/10/2011 AH 244 e.v.; Rb BM 23)
RC verhoor 27 februari 2012, pagina 62)
22/9/11 AH 55/71 Rb BM 1)
[slachtoffer 1] 22/9/11 AH 55/71 Rb BM 1)
[slachtoffer 1] 10/10/11 AH 128/153)
[slachtoffer 1] 10/10/11 AH 128/153)
Maar wel tegen mijn broer. (
[slachtoffer 1] 10/10/2011, AH 138)
mijn broer mijn broer mijn broer; allemaal om de verdachte. [medeverdachte 1] bracht haar terug naar Groningen. Zij moest de aangifte intrekken. Hij zei:
je gaat gewoon terug naar Groningen alsof er niks aan de hand is. Maandag belt een advocaat jou om het in te trekken.(
[slachtoffer 1] 10/10/2011, AH 135/153)
[slachtoffer 1] RC 27 februari 2012)
. ( [slachtoffer 1] 10/10/2011, AH 139)
[slachtoffer 1] RC 27 februari 2012)
[slachtoffer 1] 15 oktober 2011 1e verhoor, AH 159)
AH 196/197)
AH 329/336)
VERD 135/145)
VERD 372/391, BM 20 Rb)
Bijl 20A t/m D)
VERD 71/80)
Als je vanavond geen 1000 euro meeneemt krijg je klappenen
je moet vandaag 1000 betalen. [slachtoffer 1] leverde al het verdiende geld in bij de pooiers. (
VERD 146/172, BM 12 Rb)
(ZD 06 TR/28-29)
GET 04-06)
TR 49/57)
[verdachte], (
AH 261/ 283)
AH 261/ 283)
is het geregeld nu? Ze vroeg of ze veilig was en zei:
ik ben ook maar een meisje.Ze sms-te vaak. Ze had twee telefoons: één voor privé en een voor werk. (
GET 04/06)
(pvb verdachte ter terechtzitting in hoger beroep en bevindingen AH440/502)
pvb verdachte ter terechtzitting in hoger beroep)
VERD 146/172, Rb BM 12)
Een man een man, een woord een woord.”
VERD 135/145; BIJL 18/20 en Bijl 20A t/m D)
VERD 146/172, BM 12 Rb)
GET 26/29. AH 262)
. (AH 400/421 en AH 284 met als bijlagen foto’s van het bordeel in Hamburg)
AH 480/ 482)
AH 481)
Verklaring [medeverdachte 1] als verdachte ttz Rb)
AH 482)
AH 483)
AH 483 en AH 487een plattegrond met genoemde zendmasten)
AH 484/ 496)
AH 488)
AH 489.
AH 492)Er volgen vele contacten tussen [medeverdachte 1] en de verdachte tot 23.27 uur. Op 23 juli 2011 heeft de verdachte viermaal contact met [medeverdachte 5] . (
AH 493)Vervolgens heeft de verdachte vele malen contact met [medeverdachte 1] tot en met 25 juli 2011 23.41 uur. (
t/m AH 496)
AH 497/480)
RC getuige verhoor 8 november 2012)
mijn vriendin is aangevallen. (
Div 15/28)
Mijn bijrijder had hevige pijnen in haar nek. (Div 2)
pvb verdachte ter terechtzitting in hoger beroep)
AH 6/7)
TR 41/48)
VERD 36/41)
VERD 173/218)
AH 234/236)
AH 15/54)
VERD 36/41)
TAPS 4/5)
TAPS 43/44)
fuck niet met mijweet je. (..)
TAPS 45/50)
je moet die aangifte intrekken. (..)
Het is niet fatsoenlijk wat je hebt gedaan. Als ik jou zie, ik weet het niet maar ik breek je benen. Ik zei: Ga het intrekken, je moet je aangifte intrekken.(..) Het meisje is ermee bezig broer. Ik kan niet veel doen met haar anders is het niet netjes tegenover [verdachte] . (..) Ik zei tegen haar:
ga die dinges intrekken!
TAPS 6/7)
VERD 255/306)
OBS 4/7)
TAPS 11/14)
TAPS 09)
TAPS 15/24)
TAPS 25)
AH 241/242)
ZD02 AH/09-AH/17)kan wat betreft waargenomen emoties bij de aangeefster in beginsel niet als steunbewijs worden gebruikt.
“(bult boven op haar hoofd en blauwe plekken bij linkeroog)”een waarneming van de verbalisant is.
ZD02 AH/22) gedenatureerd door een andere betekenis aan die verklaring te geven op het punt van “
de periode maart/april”en ene
“ [slachtoffer 3] uit Litouwen”. Bovendien biedt die verklaring enkel ondersteuning voor een vermeende mishandeling maar niet voor mensenhandel.
ZD02 AH/37) blijkt niet de oorzaak van het feit dat de linkerschouder van [slachtoffer 3] uit de kom was en deze vormt dus geen direct bewijs voor mensenhandel.
het hof begrijpt: 18 augustus 2002) door de verdachte tegen het hoofd geslagen is, dat zij met hem in de auto mee moest en dat zij tenslotte de auto is uitgerend (
ZD02, AH/01-AH/06)
[slachtoffer 3]een gebroken linkerschouder heeft gehad doordat [verdachte] haar zo hard had geslagen dat zij voor verzorging naar het hospitaal is geweest (
ZD, 02 AH/18-AH/25) Later heeft zij bij de rechter commissaris verklaard dat het ging om een meisje uit Roemenië dat op straat werkte, dat bij haar schouder behoorlijk was verwond (
verhoor rechter commissaris van 24 april 2012)
ZD02, AH/37).
bult boven op haar hoofd en blauwe plekken bij linkeroog.)
[slachtoffer 3] uit Litouwen”. In een later stadium heeft zij echter verklaard dat het bedoelde meisje uit Roemenië kwam. Dat het om hetzelfde meisje, dus [slachtoffer 3] (= volgens de verdachte [slachtoffer 3] ) ging, leidt het hof af uit de vraagstelling van de rechter-commissaris waarbij uitdrukkelijk aan de eerder afgelegde verklaring van [slachtoffer 2] is gerefereerd.
bult boven op haar hoofd en blauwe plekken bij linkeroog)ligt niet in de rede als dit de weergave van de verklaring van [slachtoffer 3] zou betreffen, aangezien deze in de daaraan voorafgaande tekst zonder deze leestekens is vermeld.
AH/12)een kwalitatief relevante ondersteuning vormt voor de verklaringen van [slachtoffer 4] over haar werkzaamheden als prostituee en haar woonsituatie (
Get/01).
- ten aanzien van [slachtoffer 2] : 1 februari 2001 tot 20 juni 2006
- ten aanzien van [slachtoffer 1] : 4 juli 2011 tot en met 9 september 2011
- ten aanzien van [slachtoffer 4] : 12 september 2002 tot en met 19 november 2002
- ten aanzien van [slachtoffer 3] : 1 juni 2002 tot en met 18 augustus 2002.
Overwegingen ten aanzien van feit 3.
Overwegingen ten aanzien van feit 4.
Bewezenverklaring
[slachtoffer 1]
[slachtoffer 2]
[slachtoffer 2]
[slachtoffer 3]
[slachtoffer 4]
meer subsidiair
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
onder 1. bewezen verklaardelevert op:
onder 2. bewezen verklaardelevert op:
onder 4. meer subsidiair, bewezen verklaardelevert op:
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4]
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
9 (negen) jaren.
€ 275.000 (tweehonderdvijfenzeventigduizend euro) bestaande uit € 250.000 (tweehonderdvijftigduizend euro) materiële schade en € 25.000 (vijfentwintigduizend euro) immateriële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 74.000 (vierenzeventigduizend euro) bestaande uit € 59.000 (negenenvijftigduizend euro) materiële schade en € 15.000 (vijftienduizend euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
365 (driehonderdvijfenzestig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
€ 5.000 (vijfduizend euro) bestaande uit € 3.000 (drieduizend euro) materiële schade en € 2.000 (tweeduizend euro) immateriële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 5.000 (vijfduizend euro) bestaande uit € 3.000 (drieduizend euro) materiële schade en € 2.000 (tweeduizend euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
60 (zestig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
€ 40.000 (veertigduizend euro) bestaande uit € 25.000 (vijfentwintigduizend euro) materiële schade en € 15.000 (vijftienduizend euro) immateriële schadeen veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededaders, hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 40.000 (veertigduizend euro) bestaande uit € 25.000 (vijfentwintigduizend euro) materiële schade en
235 (tweehonderdvijfendertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.