ECLI:NL:GHAMS:2015:5242
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.A. Goslings
- S.F. Schütz
- G.C. Boot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vonnis wegens kennelijk onredelijk ontslag met valse reden
Het gerechtshof Amsterdam heeft het vonnis van de rechtbank vernietigd en opnieuw geoordeeld dat het ontslag van appellante door Oseven kennelijk onredelijk was. Oseven had als reden voor het ontslag aangevoerd dat de werkzaamheden van appellante waren komen te vervallen, maar het hof achtte deze reden voorgewend en niet aannemelijk gemaakt.
In de procedure werd vastgesteld dat vier andere partymanagers, die dezelfde werkzaamheden verrichtten als appellante, hun oude arbeidsvoorwaarden behielden en niet op non-actief werden gesteld. Oseven had niet aannemelijk gemaakt dat deze medewerkers wezenlijk andere werkzaamheden verrichtten, waardoor het ontslag van appellante op basis van het vervallen van werkzaamheden niet gerechtvaardigd was.
Het hof stelde vast dat appellante recht heeft op een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. Gezien haar leeftijd, lange dienstverband en de economische omstandigheden werd de schadevergoeding vastgesteld op €35.000 bruto. Oseven werd veroordeeld tot betaling van deze vergoeding en tot vergoeding van de proceskosten in beide instanties.
Uitkomst: Het ontslag van appellante is kennelijk onredelijk verklaard en Oseven is veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €35.000 bruto.