ECLI:NL:GHAMS:2015:5432
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bank mocht woning executeren zonder schending zorgplicht
De appellant was eigenaar van een woning waarop de bank een recht van eerste hypotheek had. Na het niet zelf bewonen en zonder toestemming verhuren van de woning, eiste de bank de lening op en liet zij de woning executeren.
De appellant betoogde dat de bank misbruik had gemaakt van haar recht op parate executie en dat de verkoopprijs te laag was, wat een schending van de zorgplicht zou betekenen. Het hof stelde vast dat de bank gerechtigd was tot opeising en executie, mede omdat de appellant voldoende tijd had gehad om de veiling te voorkomen en de bank redelijke voorwaarden stelde.
De verkoop vond plaats conform artikel 3:268 lid 2 BW Pro en de executiewaarde was getaxeerd. Het hof vond onvoldoende bewijs dat de taxatie onjuist was en verwierp het argument dat de lagere executiewaarde onrechtmatig was. Het hoger beroep werd afgewezen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en oordeelt dat de bank niet onrechtmatig heeft gehandeld bij de executie van de woning.