Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
.
Gerechtshof Amsterdam
Klaagster had een klacht ingediend tegen een notaris en was in eerste aanleg op twee onderdelen niet-ontvankelijk verklaard en op de overige onderdelen ongegrond bevonden. Zij stelde dat de notaris onzorgvuldig had gehandeld door niet over te dragen aan een ander kantoor en door doorverwijzing naar een advocaat, wat leidde tot onnodige kosten en rechtsgang.
Klaagster diende een beroepschrift in bij het gerechtshof, maar dit werd ontvangen na het verstrijken van de wettelijke termijn van dertig dagen na verzending van de beslissing van de kamer. Klaagster voerde aan dat zij de beslissing later had ontvangen, maar dit werd door de notaris gemotiveerd betwist en onvoldoende onderbouwd.
Het hof overwoog dat rechtsmiddeltermijnen strikt moeten worden nageleefd en dat alleen bij bijzondere omstandigheden een uitzondering kan worden gemaakt. Omdat klaagster geen voldoende bijzondere omstandigheden had aangevoerd, werd de termijnoverschrijding niet verschoonbaar geacht.
Daarom verklaarde het hof klaagster niet-ontvankelijk in haar hoger beroep. De zitting vond plaats op 22 januari 2015, waarbij klaagster niet was verschenen ondanks oproeping. Het vonnis werd op 24 februari 2015 uitgesproken.
Uitkomst: Klaagster is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep wegens overschrijding van de beroepstermijn.