Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De feiten
de vrouwis het volgende gebleken.
de manis het volgende gebleken.
3.Het geschil in hoger beroep
- de spaarloonrekening bij ING [rekeningnummer 1] , waarbij de man de helft van € 18,52 aan de vrouw dient te voldoen;
- de betaalrekening ING [rekeningnummer 2] , waarbij de man de helft van € 95,53 aan de vrouw dient te voldoen;
- de betaalrekening ING [rekeningnummer 3] , waarbij de man de helft van € 69,90 aan de vrouw dient te voldoen;
- de toprekening ING [rekeningnummer 4] , waarbij de man de helft van € 1,71 aan de vrouw dient te voldoen.
4.Beoordeling van het hoger beroep
uderlijk gezag en informatieregeling